
Explosieveiligheidsdocument
Het explosieveiligheidsdocument volgens ATEX 153
Vanaf juli 2003 moeten organisaties in de EU de richtlijnen volgen om werknemers te beschermen tegen explosiegevaar in gebieden met een explosieve atmosfeer.
Er zijn twee ATEX-richtlijnen (een voor de fabrikant en een voor de werkplek):
ATEX 153 heeft betrekking op de werkplek; de officiële naam is ‘richtlijn 99/92/EG‘, betreffende minimumvoorschriften voor de verbetering van de gezondheidsbescherming en van de veiligheid van werknemers die door explosieve atmosferen gevaar kunnen lopen.
Artikel 8
Document explosieveiligheid .
Bij de uitvoering van de verplichtingen van artikel 4 zorgt de werkgever ervoor dat een document, hierna te noemen “explosieveiligheidsdocument”, wordt opgesteld en bijgehouden. .
In het explosieveiligheidsdocument wordt met name het volgende vermeld:
- dat de explosierisico’s zijn bepaald en beoordeeld,
- dat passende maatregelen zullen worden genomen om de doelstellingen van deze richtlijn te bereiken,
- de plaatsen die overeenkomstig bijlage I in zones zijn ingedeeld,
- de plaatsen waar de minimumvoorschriften van bijlage II van toepassing zijn,
- dat de werkplek en de arbeidsmiddelen, met inbegrip van de alarminrichtingen, met de nodige aandacht voor de veiligheid worden ontworpen, bediend en onderhouden,
- dat er, in overeenstemming met Richtlijn 89/655/EEG van de Raad (1 ), voorzieningen zijn getroffen voor het veilige gebruik van arbeidsmiddelen.
Het explosieveiligheidsdocument moet vóór de aanvang van de werkzaamheden worden opgesteld en worden herzien wanneer de arbeidsplaats, de arbeidsmiddelen of de organisatie van het werk belangrijke wijzigingen, uitbreidingen of verbouwingen ondergaan. .
De werkgever kan bestaande beoordelingen van de explosierisico’s, documenten of andere gelijkwaardige rapporten die krachtens andere communautaire besluiten zijn opgesteld, combineren.
(1) PB L 393 van 30.12.1989, blz. 13. Richtlijn gewijzigd bij Richtlijn 95/63/EG (PB L 335 van 30.12.1995, blz. 28).


